Locatie en nationale symbolen

Ligging en grenzen

Duitsland (officieel de Duitse Bondsrepubliek, 47-55 NB; 6-15 OL; hoofdstad Berlijn) is bijna 9 keer zo groot als Nederland en deelt grenzen met 9 landen. De 577 km lange grens met Ne­derland ligt in het noordwesten. Met de wijzers van de klok mee volgt daarop de Noordzee ten noorden en westen van de Duitse waddeneilanden; de noordgrens met Denemarken (68 km) en de Oostzeekust aan de oostkant van Sleeswijk-Holstein en de noordkant van Mecklenburg-Voorpommeren. Het grootste Duitse eiland Rügen (930 km²) valt onder de laatste deelstaat. De oost­grens met Polen is 456 km lang en de zuidoostelijke grenzen met Tsjechië meten 646 km. In het zuiden grenst Duitsland aan Oostenrijk (784 km) en in het zuidwesten aan Zwitserland (334 km) en Frankrijk (451 km). De westelijke grenzen met Luxemburg en België meten respectievelijk 135 en 167 km. De totale grenslengte bedraagt 3621 km en de totale kustlengte 2389 km. De kust verloopt erg grillig met als grootste havensteden Hamburg en Bremen. Hemelsbreed is de grootste afstand van noord naar zuid 880 km en van oost naar west 640 km.

Administratieve indeling: deelstaten en deelculturen

Het begrip Duitsland dook pas op in de 17e eeuw. Voordien werd hooguit gesproken van Duitse staten of de Duitse taal. De officiële naam van het land is nu “Bundersrepublik Deutschland” (afgekort BRD). De bondsrepubliek telt incl. de 3 stadsdeelstaten Ham­burg, Bremen en Berlijn 16 deelstaten (Bundesländer). De deelstaten in hun huidige vorm zijn na de 2e wereldoorlog ingesteld tijdens de geallieerde bezetting. Zoals de naam Länder al suggereert hebben ze meer bevoegdheden dan Nederlandse provincies. Het gaat met de wijzers van de klok mee en vanaf de grens met noordoost Nederland achtereenvolgens om Ne­der-Saksen (met daarin Bremen en Hamburg), Sleeswijk-Holstein, Me­cklenburg-Voor­pommeren, Brandenburg met daarin Berlijn, Saksen-Anhalt (tussen Branden­burg en Ne­der-Saksen), Saksen (Tsjechische grens), Thüringen (centraal Duitsland), Beie­ren (zuid­oost Duitsland), Baden-Würtemberg (zuidwest Duitsland), Saarland (grens met noordoost Frankrijk), Rijnland-Pals (Luxemburgs/ Belgische grens), Hessen (ten oosten daarvan) en Noordrijnland-Westfalen (grens met zuidoost Nederland).

De deelstaten zijn, met uitzondering van kreisfreie grote steden, op hun beurt verdeeld in districten (Kreise of Landkreise; in totaal 313 sinds 1/7-2007). Deze hebben bijv bevoegdheden m.b.t de ziekenhuizen, afvalverwerking en rijbewijzen. De districten zijn weer onderverdeeld in gemeenten. Hun aantal is m.n in het voormalige Oost-Duitsland nogal gedaald. Medio 2008 telde Duitsland 12.235 gemeenten, waaronder 2077 stadsgemeenten. Daar zaten ruim 80 steden bij met meer dan 100.000 inwoners. De Deelstaten bepalen grotendeels welke bevoegdheden gemeenten hebben. De Duitsers kennen ook de begrippen Metropolregionen (de grootstedelijke regio Rhein-Ruhr, Berlin Brandenburg, Frankfurt-Rhein-Main, Stuttgart en Hamburg) en Agglomerationen (de agglomeraties Ruhrgebied, Berlijn, Stuttgart, Hamburg en München).

Qua cultuur in ruime zin kan Duitsland worden verdeeld in de voormalige DDR (de huidige deelstaten Mecklenburg-Voorpommeren, Brandenburg, Saksen-Anhalt, Thüringen en Saksen), de noordelijke voormalige BRD (Luthers) en de zui­delijke voormalige BRD (m.n.de deelstaten Beieren, Baden-Würtem­berg, Rijnland-Pals en Saarland die vanouds rooms zijn). Na 1960 is daar de m.n. Turkse immigrantencultuur bijgekomen.

Nationale symbolen

Het oudste nationale symbool is het Duitse wapen, een adelaar op een goudkleurig veld met rode poten en snavel. Germaanse krijgers gebruikten de majestueuze roofvogel reeds op wapenschilden als symbool van de god Odin en ook de Romeinen voerden de adelaar als wapen. Geïnspireerd vanuit deze achtergrond deed Karel de Grote hetzelfde. Hij zag zijn rijk; dat grote delen van het huidige Duitsland, de lage landen, Frankrijk en Italië besloeg; als de opvolger van het Romeinse rijk. Door de geschiedenis van de Duitstalige rijken heen kreeg het dier beurtelings één en 2 koppen. De huidige adelaar lijkt veel op de adelaar die de Weimarrepubliek na de 1e wereldoorlog invoerde. Deze versie werd na de 2e wereldoorlog geïntroduceerd als Bundesadler door West-Duitsland en sinds de hereniging van 1989 is dit het wapen van heel Duitsland.

Door de naweeën van de 2e wereldoorlog zijn nationale symbolen lang min of meer taboe geweest in Duitsland. Bijv bij het EK voetbal van 2008 doken bij supporters weer vaker Duitse vlaggen op. De zwartroodgele (of gouden) Duitse driekleur werd in 1871 de vlag van het Duitse keizerrijk en in 1919 de nationale vlag van de Weimarrepubliek. In 1933 raakte het dundoek bij de Nazi’s in ongenade en in 1949 is het opnieuw ingevoerd. De versie met de Duitse adelaar in het midden mag alleen door overheid en leger worden gevoerd als dienstvlag. De marineversie heeft een zwaluwstaart. De kleuren van de vlag kregen hun symbolische betekenis na de bevrijdingsoorlogen tegen Napoleon. De soldaten van het Pruisische leger, die uit heel Duitsland kwamen, droegen toen zwarte uniformen met rode omslagen en vesten en goudkleurige knopen. Het Duitse volkslied, het Deutschlandlied, fungeert als zodanig sinds 1922. De muziek van componist Haydn dateert uit 1797 en Heinrich Hoffmannn von Fallersleben schreef in 1841 de huidige tekst. De frase “Deutschland, Deutschland  über alles, über alles in der Welt” waarmee het 1e couplet begint, sloeg voor de dichter op het verlangen naar Duitse eenheid. Deze frase maakte het voor de Nazi’s wel erg gemakkelijk om haar uit te leggen als verwijzing naar de Duitser als Übermensch. Thans wordt het 3e couplet, dat meer ondubbelzinnig de patriottische geneugten van Duitse eenheid ten tonele voert, als volkslied gezongen.

De blauwe korenbloem was de favoriete bloem van keizer Wilhem I (1797-1888). Ze werd in 2005 bijv gedragen door de leden van de rechts populistische Oostenrijkse FPÖ bij de opening van het parlement. De bloem wordt binnen rechtse kringen, die een eenheid van Duitstalige landen als ideaal zien, wel als symbool van onbeantwoorde liefde en weemoed opgevoerd. De eik werd als icoon van kracht en duurzaamheid voor meerdere Europese landen, waaronder Duitsland en het VK, een nationaal symbool. Thans staan nog eikenbladeren op Duitse munten van 5 Eurocent.